Ga naar de inhoud

Examenvragen Meteorologie - Drone examen STS - specifieke categorie UAS (STS-01, STS-02) - oefenvragen en examentraining

Drone examen STS - specifieke categorie UAS (STS-01, STS-02) - oefenvragen en examentraining: Meteorologie 10 Vragen zonder tijdslimiet

1 - Wat betekent in de Q-code QFU?
2 - Een temperatuurinversie kan bevorderen:
3 - Voor het aangeven van de windsnelheid kunnen verschillende eenheden worden gebruikt. Een wind van 30 kt komt ongeveer overeen met een wind van:
4 - U neemt kennis van de METAR van Eindhoven: EHEH 210600Z 25005KT 0700 R31/1000U -DZ FG OVC002 03/03 Q1016=. Onder de waargenomen elementen stelt u de aanwezigheid vast:
5 - De opstijgende dalwind (hellingopwind) ontstaat wanneer de berghellingen:
6 - Aan de loefzijde van een heuvel met een helling van 40° vindt u aan de voet van de helling:
7 - Welke uitspraken over de grondwind zijn juist? 1) De wind wordt door wrijving afgeremd 2) De wind waait parallel aan de isobaren 3) De wind richt zich gedeeltelijk naar de lage druk 4) De wind is onafhankelijk van het plaatselijke terrein
8 - De doorgang van een koufront gaat vaak gepaard met:
9 - De hoofdwolkenbasis (ceiling) duidt aan:
10 - Advectiemist vormt zich wanneer een luchtmassa: