Ga naar de inhoud

Examenvragen Meteorologie - Drone examen A2 - EU dronebewijs Open categorie gevorderd - oefenvragen en examentraining

Drone examen A2 - EU dronebewijs Open categorie gevorderd - oefenvragen en examentraining: Meteorologie 10 Vragen zonder tijdslimiet

1 - De doorgang van een warmtefront gaat vaak gepaard met:
2 - Welke uitspraken over neerslag zijn juist? 1) Neerslag kan vloeibaar, vast of aanvriezend zijn 2) Neerslag treedt alleen op onder cumulonimbus 3) Neerslag ontstaat wanneer de druppeltjes of kristallen groot genoeg worden om te vallen 4) Motregen komt eerder uit gelaagde wolken (stratiforme wolken)
3 - Welke uitspraken over wrijvingsturbulentie zijn juist? 1) Hoe groter de oneffenheden van de bodem, hoe sterker de wrijvingsturbulentie 2) Hoe sterker de wind, hoe sterker de wrijvingsturbulentie 3) Wrijvingsturbulentie verdwijnt 's nachts volledig 4) Deze is sterker uitgesproken in de onderste lagen
4 - Welke uitspraken over onweer zijn juist? 1) Het gaat gepaard met hevige verticale bewegingen 2) Het kan hagel voortbrengen 3) Het kan valwinden voortbrengen 4) Het is ongevaarlijk wanneer men op zicht vliegt
5 - De opstijgende dalwind (hellingopwind) ontstaat wanneer de berghellingen:
6 - De windkracht:
7 - Stralingsmist wordt bevorderd door:
8 - Welke uitspraken zijn juist? 1) De lucht wordt op het noordelijk halfrond naar rechts afgebogen 2) De lucht wordt op het noordelijk halfrond naar links afgebogen 3) Op hoogte volgt de wind ongeveer de isobaren 4) Op hoogte kruist de wind de isobaren van hoge naar lage druk
9 - De windrichting wordt gewoonlijk aangegeven:
10 - Een relatieve luchtvochtigheid van 100% betekent: