Ga naar de inhoud

Examenvragen Meteorologie - Drone examen A2 - EU dronebewijs Open categorie gevorderd - oefenvragen en examentraining

Drone examen A2 - EU dronebewijs Open categorie gevorderd - oefenvragen en examentraining: Meteorologie 10 Vragen zonder tijdslimiet

1 - Aanvriezend ijs (gladijs) op een drone kan:
2 - De opstijgende dalwind (hellingopwind) ontstaat wanneer de berghellingen:
3 - Het dauwpunt is:
4 - Welke uitspraken over fronten zijn juist? 1) Een front is een scheidingsvlak tussen twee luchtmassa's met verschillende eigenschappen 2) Een warmtefront wordt over het algemeen geassocieerd met uitgestrekte gelaagde wolken (stratiforme wolken) 3) Een koufront kan gepaard gaan met buien en onweer 4) De doorgang van een koufront gaat vaak gepaard met een weersverbetering na de passage
5 - Een wind van 180° met 5 knopen is een:
6 - In een METAR duidt QNH aan:
7 - Er zijn twee stromingsregimes van lucht rond een lichaam:
8 - Een barometrische hoogtemeter van luchtvaarttype wordt bij de start ingesteld op de druk 980 hPa en geeft vervolgens de waarde 0 aan. In de standaardatmosfeer geldt: de bij 980 hPa horende hoogte bedraagt 280 m en de bij 977,17 hPa horende hoogte 305 m. Tijdens de vlucht bedraagt de gemeten luchtdruk 977,17 hPa. Welke hoogte geeft deze hoogtemeter dan aan?
9 - In een METAR wordt de wind doorgaans aangegeven in:
10 - De minimale veiligheidsafstand tot onweer moet: