Ga naar de inhoud

Examenvragen Luchtvaartregelgeving - Drone examen A1/A3 - EU dronebewijs Open categorie - oefenvragen en examentraining

Drone examen A1/A3 - EU dronebewijs Open categorie - oefenvragen en examentraining: Luchtvaartregelgeving 10 Vragen zonder tijdslimiet

1 - In subcategorie A1 van de open categorie moet de piloot op afstand met name:
2 - Welke uitspraken over de registratie van de UAS-exploitant zijn juist? 1) Voorafgaande registratieplicht 2) Registratie via het onlineloket van de RDW 3) Ontvangst van een UAS-exploitantnummer 4) Ontvangst van een elektronisch identificatienummer (e-ID)
3 - Volgens de ICAO omvat het grondgebied waarover een staat de soevereiniteit over zijn luchtruim uitoefent feitelijk: 1 - de landgebieden 2 - de kustwateren (territoriale wateren) 3 - de volle zee
4 - In subcategorie A3 moet het UAS ten minste de volgende afstand aanhouden:
5 - U moet ervan uitgaan dat een vlucht eerder in subcategorie A3 valt wanneer:
6 - De hoogtebeperking in de open categorie geldt:
7 - Volgens het Verdrag van Chicago kan elke verdragsstaat boven zijn grondgebied het gebruik van de volgende apparatuur verbieden of reguleren:
8 - Welke uitspraken over de regelgeving voor UAS zijn juist? 1) Het Verdrag van Chicago bepaalt dat elke staat de toepasselijke regels vaststelt 2) Het Verdrag van Chicago bevat normen voor de luchtwaardigheid van deze luchtvaartuigen 3) Voor de EU-lidstaten stelt elke staat zelf de luchtwaardigheidsregels voor UAS vast 4) Voor de EU-lidstaten legt een Europese verordening eisen voor de luchtwaardigheid van deze luchtvaartuigen vast
9 - Welke uitspraak over AIRPROX (gevaarlijke nadering in de lucht) is juist?
10 - De afkorting ICAO staat voor: