Ga naar de inhoud

Examenvragen Luchtvaartwetgeving - Drone examen STS - specifieke categorie UAS (STS-01, STS-02) - oefenvragen en examentraining

Drone examen STS - specifieke categorie UAS (STS-01, STS-02) - oefenvragen en examentraining: Luchtvaartwetgeving 10 Vragen zonder tijdslimiet

1 - Om volgens een Europees standaardscenario te opereren, moet de exploitant met name:
2 - Op de geplande ware koers over de grond van 260° geven de weersvoorspellingen wind uit 290° met 10 kt aan. Hoe groot is de zijwindcomponent? 1) De zijwind komt van rechts 2) De zijwind komt van links 3) De zijwindcomponent bedraagt 5 kt 4) De zijwindcomponent bedraagt 10 kt
3 - Een naderingsgebied (TMA) van luchtruimklasse C, gepubliceerd met een ondergrens, wijst voornamelijk op:
4 - De hoogte boven zeeniveau (elevatie) van een vliegveld wordt vermeld: 1) op de luchtvaartkaarten 1:500 000 2) op de visuele naderingskaarten (VAC) 3) in meldingen van het type NOTAM (Notice to Air Men) 4) via de ATIS
5 - Welke uitspraken over de standaardscenario's zijn juist? 1) Slechts één scenario staat het overvliegen van derden toe 2) Het overvliegen van derden is verboden 3) De maximale massa is de leeggewicht 4) De maximale massa is de startmassa
6 - Op de leesbaarheidsschaal in de radiotelefonie betekent „1":
7 - Bij de bevoegde autoriteit moet een bijzondere stap worden ondernomen om boven bebouwd gebied te opereren. Welke?
8 - Welke uitspraken over de vlucht in de specifieke categorie zijn juist? 1) De autonome vlucht is toegestaan 2) De automatische vlucht is toegestaan 3) De piloot op afstand mag zich in een rijdend motorvoertuig bevinden 4) De piloot op afstand mag zich aan boord van een varend schip bevinden
9 - Welke documenten zijn op de locatie van de vlucht vereist? 1) Registratiebewijs van de exploitant 2) Ontwerpcertificaat van het luchtvaartuig, indien vereist 3) Actueel exploitatiehandboek 4) Documenten van de piloot op afstand 5) Toestemmingen voor de vlucht
10 - De afkorting ICAO betekent: