Ga naar de inhoud

Examensimulatie Beveiliging van de luchtvaart (security) - Drone examen A1/A3 - EU dronebewijs Open categorie - oefenvragen en examentraining

Examensimulatie Drone examen A1/A3 Beveiliging van de luchtvaart (security) 40 vragen in 60 minuten

1 - De luchtvaartbeveiliging omvat het voorkomen van:
2 - Een openbaar wifi-netwerk dat wordt gebruikt om in te loggen op het eigen drone-account, kan het volgende vormen:
3 - Een zinvolle beveiligingsmaatregel vóór de doorverkoop van een drone bestaat erin:
4 - De identificatie op afstand (Remote ID) van een UAS dient met name om:
5 - Welke uitspraken over verstoring (jamming) zijn juist? 1) Het is de overlapping van meerdere uitzendingen op dezelfde frequentie. 2) Het is de overlapping van meerdere uitzendingen op verschillende frequenties. 3) Ze maakt de berichten onleesbaar voor de ontvanger. 4) Ze vertraagt de ontvangst van de berichten.
6 - Voordat men een drone uitleent, is het raadzaam om:
7 - Een op de drone aangebrachte QR-code of identificatiecode mag het volgende niet prijsgeven:
8 - Een piloot op afstand moet wantrouwend zijn bij een bericht dat vraagt naar zijn inloggegevens voor de online exploitantregistratie bij de RDW, omdat:
9 - Welke uitspraken over cyberbeveiliging zijn juist? 1) Ze dient om de vertrouwelijkheid te waarborgen. 2) Ze dient om zich tegen indringers te beschermen. 3) Ze betreft zowel het technische deel als de gebruiksaanbevelingen.
10 - De versleuteling of de toegangsbeveiliging van de app dient om:
11 - De beveiliging (security) van een UAS dient hoofdzakelijk om:
12 - Het downloaden van een besturingsapp uit een onbekende bron is riskant, omdat:
13 - Een verstoorde radioverbinding voor de besturing kan leiden tot:
14 - Het principe van minimale rechten (least privilege) betekent:
15 - De door de drone verzonden telemetrie kan gevoelig zijn, omdat deze het volgende prijsgeeft:
16 - Een geheugenkaart met gevoelige beeldopnamen moet:
17 - Een veilig wachtwoord voor de besturingsapp moet zijn:
18 - GNSS-spoofing bestaat erin:
19 - Bij abnormaal gedrag dat op GNSS-verstoring wijst, moet de piloot op afstand:
20 - Aan een onbekende persoon die eist de besturing van het UAS (drone) over te nemen, moet men:
21 - Het controleren van de instellingen voor de automatische terugkeer vóór een vlucht draagt ook bij aan de beveiliging (security), omdat:
22 - Bij een vermoeden van onbevoegde toegang tot een aan het UAS gekoppeld account moet men:
23 - Het gebruik van een account dat door meerdere piloten op afstand wordt gedeeld, bemoeilijkt:
24 - Het maken van een back-up van de belangrijke parameters van de drone moet gebeuren:
25 - Het updaten van de firmware van de drone maakt met name het volgende mogelijk:
26 - Een niet-bijgewerkte database van geografische UAS-zones kan:
27 - GNSS-verstoring (jamming) kan het volgende veroorzaken:
28 - Niet-onderhouden besturingssoftware verhoogt het risico op:
29 - Bij verlies of diefstal van een UAS moet men:
30 - Vluchtlogs (logboeken) kunnen het volgende bevatten:
31 - De fysieke beveiliging van de drone op de grond bestaat er met name in: