Ga naar de inhoud

Examensimulatie Vluchtprestaties en vluchtplanning - SPL examen - brevet zweefvliegen - oefenvragen en examentraining

Examensimulatie SPL examen Vluchtprestaties en vluchtplanning 120 vragen in 120 minuten

1 - Wanneer een zweefvliegtuig met waterballast wordt beladen, hoe verandert dan het theoretisch beste glijgetal (zonder rekening te houden met de stijging in de thermiek)?
2 - Wat is bij een buitenlanding in de prestatieplanning doorslaggevend?
3 - Waar kan tijdens de vlucht per radio een vliegplan worden ingediend?
4 - Waarmee moet met name rekening worden gehouden na het omvliegen van een keerpunt?
5 - Waarmee moet rekening worden gehouden bij rugwind in de eindnaderingsberekening?
6 - Welk minimumglijgetal is zonder wind en zonder veiligheidsreserve nodig om 30 km af te leggen vanaf 1000 m hoogte?
7 - Volgens de MacCready-theorie: hoe moet de voorvliegsnelheid (sollvaart) tussen twee thermiekbellen worden aangepast wanneer u in sterke tegenwind terechtkomt?
8 - Hoe lang kan een zweefvliegtuig bij een constant zinken van 0,8 m/s vanaf 800 m hoogte theoretisch glijden?
9 - Een zweefvliegtuig heeft een glijgetal van 35. Welke theoretische glijafstand volgt uit 1000 m hoogte zonder wind en zonder veiligheidsreserve?
10 - Hoe beïnvloedt waterballast het beste glijgetal van een zweefvliegtuig idealiter?
11 - Het begrip "hefboomarm" is gedefinieerd als...
12 - Een zweefvliegtuig heeft een glijgetal van 40. Welke theoretische glijafstand volgt uit 1500 m hoogte zonder wind en zonder veiligheidsreserve?
13 - Waarmee moet rekening worden gehouden bij grensoverschrijdende zichtvluchten?
14 - Waarom wordt waterballast vóór een buitenlanding gewoonlijk afgelaten?
15 - Een luchtvaartuig is niet expliciet gecertificeerd voor gebruik in gebieden met voorspelde ijsafzetting. Welke uitspraak is juist?
16 - Waar zijn gegevens te vinden voor de berekening van hefboomarmen en momenten voor de massa- en zwaartepuntberekening van een luchtvaartuig?
17 - Een zweefvliegtuig heeft een beste glijgetal van 40. Hoeveel kilometer glijafstand kan theoretisch maximaal worden bereikt vanaf 1.500 meter hoogte (boven de grond) bij absolute windstilte?
18 - Welk minimumglijgetal is zonder wind en zonder veiligheidsreserve nodig om 45 km af te leggen vanaf 1500 m hoogte?
19 - Welk doel dienen "opvanglijnen" in de zichtnavigatie?
20 - Een zweefvliegtuig heeft een glijgetal van 25. Welke theoretische glijafstand volgt uit 1400 m hoogte zonder wind en zonder veiligheidsreserve?
21 - Wat betekent "beste glijden"?
22 - Hoe werkt een te ver naar achteren gelegen zwaartepuntligging?
23 - Welke massa is bepalend voor prestatieberekeningen?
24 - Hoe lang kan een zweefvliegtuig bij een constant zinken van 1,0 m/s vanaf 1500 m hoogte theoretisch glijden?
25 - Waarvoor wordt de snelheid van het beste glijden gebruikt?
26 - Hoe lang kan een zweefvliegtuig bij een constant zinken van 0,6 m/s vanaf 900 m hoogte theoretisch glijden?
27 - Hoe moet de voorvliegsnelheid worden aangepast in sterke daalwind?
28 - Een zweefvliegtuig heeft een glijgetal van 38. Welke theoretische glijafstand volgt uit 1100 m hoogte zonder wind en zonder veiligheidsreserve?
29 - Welke bodemgesteldheid moet bij de routeplanning voor een zweefvlucht worden vermeden?
30 - Welk minimumglijgetal is zonder wind en zonder veiligheidsreserve nodig om 24 km af te leggen vanaf 800 m hoogte?
31 - Als "moment" wordt in de beladingsplanning gebruikt:
32 - Hoe werkt waterballast op de minimumsnelheid?
33 - De resulterende zwaartekracht van een luchtvaartuig werkt verticaal door het...
34 - Bij het gebruik van een luchtvaartuig moet ervoor worden gezorgd dat het zwaartepunt (center of gravity - CG) tijdens alle vluchtfasen binnen het toegestane bereik blijft, zodat...
35 - Hoe verandert het absolute, minimale zinken (geringste zinken) wanneer het zweefvliegtuig met maximale waterballast wordt gevlogen?
36 - Hoe lang kan een zweefvliegtuig bij een constant zinken van 0,8 m/s vanaf 1200 m hoogte theoretisch glijden?
37 - Waarvoor wordt de snelheid van het geringste zinken gebruikt?
38 - Wat is het effect van een achterste zwaartepuntligging (achterlading) binnen de toegestane grenzen bij een zweefvliegtuig, vergeleken met een voorste zwaartepuntligging?
39 - Tijdens een overlandvlucht stuurt u een keerpunt met de wind mee aan. U zou het keerpunt moeten...
40 - Welke uitspraak over de MacCready-instelling is juist?
41 - Op een luchtvaartkaart is een beperkt gebied (restricted area) aangeduid met de vermelding 'GND - 4.500 FT MSL'. Wat is de bovengrens van dit gebied?
42 - Hoe worden de leegmassa en het leegmassazwaartepunt van een luchtvaartuig voor het eerst bepaald?
43 - Gebruik de afbeelding (PFP-061). Welk symbool stelt volgens ICAO een groep onverlichte obstakels voor?
question pfp61.webp
44 - Hoe lang kan een zweefvliegtuig bij een constant zinken van 0,5 m/s vanaf 1000 m hoogte theoretisch glijden?
45 - Hoe wordt de horizontale afstand tussen het zwaartepunt en het referentievlak (datum) genoemd?
46 - Waarmee moet rekening worden gehouden bij tegenwind in de eindnaderingsberekening?
47 - Welke uitspraak over de zwaartepuntligging is juist?
48 - Welke grootheid beschrijft de vleugelbelasting?
49 - Een zweefvliegtuig heeft een glijgetal van 32. Welke theoretische glijafstand volgt uit 1600 m hoogte zonder wind en zonder veiligheidsreserve?
50 - Een zweefvliegtuig heeft een glijgetal van 30. Welke theoretische glijafstand volgt uit 1200 m hoogte zonder wind en zonder veiligheidsreserve?
51 - De volgende NOTAM is van toepassing: "E) OVERFLYING PROHIBITED FOR ALL TRAFFIC RADIUS 3.35 NM CENTERED AROUND 515436N 0103725E DUE TO DEMOLITION OF EXPLOSIVES. F) GND. G) 9500 FT AMSL." Tot welke hoogte is volgens deze NOTAM het overvliegen van het aangegeven gebied verboden?
52 - Waar moet het zwaartepunt van een luchtvaartuig zich bevinden?
53 - Wat is het "zwaartepunt" van een luchtvaartuig?
54 - De hefboomarm duidt de horizontale afstand aan tussen...
55 - Welke factor verkort de landingsafstand?
56 - Welke veiligheidsreserve is zinvol bij een eindnadering?
57 - Waarom moeten ballast en trimgewichten correct zijn geborgd?
58 - U vliegt rechtdoor door een sterk daalwindveld. Hoe moet u uw snelheid aanpassen om het hoogteverlies over de afgelegde afstand te minimaliseren?
59 - Een zweefvliegtuig heeft een glijgetal van 45. Welke theoretische glijafstand volgt uit 800 m hoogte zonder wind en zonder veiligheidsreserve?
60 - Om welke reden wordt waterballast in het zweefvliegtuig voorafgaand aan een ongeplande buitenlanding verplicht afgelaten?
61 - Gebruik de afbeelding (PFP-062). Welk symbool stelt volgens ICAO een civiel vliegveld (geen internationale luchthaven) met verharde start- en landingsbaan voor?
question pfp62.webp
62 - Wat betekent "geringste zinken"?
63 - Welke uitspraak over de polare van een zweefvliegtuig is juist?
64 - Welke uitspraak over veiligheidsmarges is juist?
65 - Welke invloed heeft een verhoging van de vleugelbelasting (bijvoorbeeld door het bijladen van waterballast) op het gedrag tijdens het thermiekdraaien?
66 - Op een luchtvaartkaart is een beperkt gebied (restricted area) aangeduid met de vermelding 'GND - 1.500 FT MSL'. Wat is de bovengrens van dit gebied?
67 - Op zeer grote vlieghoogten (bijvoorbeeld bij golfvliegen) neemt de luchtdichtheid sterk af. Wat is het effect hiervan op de maximaal toegestane snelheid (Vne) van het zweefvliegtuig?
68 - Gebruik de afbeelding (PFP-063). Met welk symbool worden volgens ICAO algemene hoogtepunten (terreinhoogte) weergegeven?
question pfp63.webp
69 - Het overschrijden van de toegestane luchtvaartuigmassa is...
70 - Welk minimumglijgetal is zonder wind en zonder veiligheidsreserve nodig om 60 km af te leggen vanaf 1500 m hoogte?
71 - Welk gevaar ontstaat door onbeveiligde lading?
72 - Een zweefvliegtuig heeft een glijgetal van 28. Welke theoretische glijafstand volgt uit 900 m hoogte zonder wind en zonder veiligheidsreserve?
73 - Welk minimumglijgetal is zonder wind en zonder veiligheidsreserve nodig om 32 km af te leggen vanaf 800 m hoogte?
74 - Gegevens over de bedrijfsleegmassa van een luchtvaartuig staan in het vlieghandboek in het hoofdstuk...
75 - Welke afstand kan in glijvlucht met een zweefvliegtuig met glijgetal 30 vanaf een hoogte van 1500 m worden afgelegd? (Wind en thermiek buiten beschouwing gelaten)
76 - Hoe moet de voorvliegsnelheid worden aangepast bij verwacht sterk stijgen in de volgende thermiekbel?
77 - Welke omschrijving is van toepassing op het zwaartepunt van een luchtvaartuig?
78 - De daalhoek is gedefinieerd als...
79 - Welke indicatie levert een zogenaamde "speed-to-fly-indicator"?
80 - Welk gevolg heeft een hogere vleugelbelasting tijdens het bochtvliegen?