Ga naar de inhoud

Examenvragen Operationele procedures - SPL examen - brevet zweefvliegen - oefenvragen en examentraining

SPL examen - brevet zweefvliegen - oefenvragen en examentraining: Operationele procedures 10 Vragen zonder tijdslimiet

1 - Tijdens een overlandvlucht tekent zich langs de vliegroute een verslechtering van het zicht af tot onder de voorgeschreven VFR-minima. Om de vlucht toch onder inachtneming van de VFR-minima te kunnen voortzetten, besluit de piloot...
2 - Windschering is...
3 - Tijdens de nadering geraakt het luchtvaartuig in een windschering (windshear) met afnemende rugwind. Hoe veranderen het naderingspad en de aangegeven snelheid (IAS) als de piloot geen correcties toepast?
4 - Hoe moet een zweefvliegtuig bij sterke wind aan de rand van de baan worden neergezet?
5 - Welke regel geldt bij het thermiekcirkelen met meerdere zweefvliegtuigen?
6 - Waarom mag met een luchtvaartuig waarvan het zwaartepunt achter de achterste zwaartepuntgrens ligt, niet worden gestart?
7 - Welk van de genoemde terreinen is het meest geschikt voor een buitenlanding?
8 - Ondanks meerdere pogingen wordt vastgesteld dat het landingsgestel wel kan worden uitgeklapt, maar niet vergrendeld. Hoe moet de landing worden uitgevoerd?
9 - Wat is bijzonder belangrijk bij een voorvluchtcontrole na een langere stilstandperiode?
10 - Bij een vlucht in de nabijheid van het veld op ca. 250 m AGL geraakt u in een sterke daling en streeft u een veiligheidslanding na. Met welke snelheid moet naar het veld worden gestuurd?