Ga naar de inhoud

Examenvragen Vluchtprestaties en vluchtplanning - SPL examen - brevet zweefvliegen - oefenvragen en examentraining

SPL examen - brevet zweefvliegen - oefenvragen en examentraining: Vluchtprestaties en vluchtplanning 10 Vragen zonder tijdslimiet

1 - Op een luchtvaartkaart is een beperkt gebied (restricted area) aangeduid met de vermelding 'GND - 1.500 FT MSL'. Wat is de bovengrens van dit gebied?
2 - De volgende NOTAM is van toepassing: "E) OVERFLYING PROHIBITED FOR ALL TRAFFIC RADIUS 3.35 NM CENTERED AROUND 515436N 0103725E DUE TO DEMOLITION OF EXPLOSIVES. F) GND. G) 9500 FT AMSL." Tot welke hoogte is volgens deze NOTAM het overvliegen van het aangegeven gebied verboden?
3 - Gebruik de afbeelding (PFP-063). Met welk symbool worden volgens ICAO algemene hoogtepunten (terreinhoogte) weergegeven?
question pfp63.webp
4 - Wat betekent "geringste zinken"?
5 - Hoe lang kan een zweefvliegtuig bij een constant zinken van 0,8 m/s vanaf 800 m hoogte theoretisch glijden?
6 - Waarom moeten ballast en trimgewichten correct zijn geborgd?
7 - Een luchtvaartuig is niet expliciet gecertificeerd voor gebruik in gebieden met voorspelde ijsafzetting. Welke uitspraak is juist?
8 - Wanneer een zweefvliegtuig met waterballast wordt beladen, hoe verandert dan het theoretisch beste glijgetal (zonder rekening te houden met de stijging in de thermiek)?
9 - Waarmee moet met name rekening worden gehouden na het omvliegen van een keerpunt?
10 - Waarmee moet rekening worden gehouden bij grensoverschrijdende zichtvluchten?