Ga naar de inhoud

Examensimulatie Algemene kennis van UAS - Drone examen A1/A3 - EU dronebewijs Open categorie - oefenvragen en examentraining

Examensimulatie Drone examen A1/A3 Algemene kennis van UAS 40 vragen in 60 minuten

1 - De piëzo-elektrische barometer die in een op afstand bestuurd luchtvaartuig is ingebouwd, geeft aan:
2 - De hoek tussen de magnetische koers en de kompaskoers heet:
3 - De hoogtemeter is een instrument dat het volgende meet:
4 - De elektrische spanning is gelijk aan:
5 - De kompasdeviatie hangt onder andere af van:
6 - De belangrijkste eigenschap van een gyroscoop is:
7 - Op een motor die met de klok mee draait, monteert u een propeller:
8 - Een LiPo-accu wordt aangeduid als "3S". Dat betekent:
9 - In de handmatige modus worden gebruikt:
10 - Het kompas geeft onder de volgende omstandigheden foutieve aanwijzingen: 1 - turbulentie 2 - tijdens een bocht 3 - een magnetische declinatie die niet nul is 4 - versnelling
11 - De elektrische weerstand wordt uitgedrukt in:
12 - De vluchtbegrenzer (limiter) maakt het mogelijk om:
13 - Uw vluchtsysteem aan boord werkt met 6S LiPo-accu's; u kunt dan aansluiten: 1 - twee 3S-accu's parallel. 2 - twee 3S-accu's in serie. 3 - twee 6S-accu's in serie. 4 - twee 6S-accu's parallel.
14 - Zonder invoer van extra parameters kan een GPS de piloot rechtstreeks voorzien van:
15 - Welke stellingen over de nuttige lading (payload) zijn juist? 1) De accu behoort tot de nuttige lading 2) De accu behoort niet tot de nuttige lading 3) De sensoren behoren tot de nuttige lading 4) De sensoren behoren niet tot de nuttige lading
16 - Het vermogen wordt uitgedrukt in:
17 - Voor elke frequentieband legt de regelgeving beperkingen vast met betrekking tot: 1) het maximale zendvermogen 2) het gebruik van die frequentie 3) de maximale hoeveelheid informatie die binnen een bepaalde periode wordt overgedragen
18 - De waarden die op de propellers staan vermeld, geven informatie over:
19 - In de GPS-modus worden gebruikt:
20 - De nominale spanning van een 4S3P LiPo-accu bedraagt:
21 - Zonder bijzondere augmentatiesystemen ligt de positieonnauwkeurigheid van de GNSS-ontvanger onder goede ontvangstomstandigheden in de orde van grootte van:
22 - Een stroomkring wordt tegen overstroom beveiligd door:
23 - Welke stellingen over de videoverbinding (video-downlink) zijn juist? 1) De datasnelheid ervan is hoger dan die van de besturingsverbinding (C2-link) van de drone 2) De datasnelheid ervan is lager dan die van de besturingsverbinding van de drone 3) Het bereik ervan is vaak groter dan dat van de besturingsverbinding van de drone 4) Het bereik ervan is vaak kleiner dan dat van de besturingsverbinding van de drone
24 - Voor de berekening van de positie van de GNSS-ontvanger:
25 - De as van een draaiende gyroscoop heeft de eigenschap:
26 - De fundamentele informatie die de GPS levert, is:
27 - U kijkt naar het noorden. Met uitzondering van de nulmeridiaan van Greenwich geldt voor de meridianen het volgende:
28 - De ware heading (true heading) is de richting van de lengteas van het luchtvaartuig ten opzichte van:
29 - In Nederland wordt het gebruik van radiozenders geregeld door:
30 - De beschikbaarheid van het GNSS heeft betrekking op:
31 - Een LiPo-accu heeft als kengetal een getal gevolgd door de letter "C", die aangeeft:
32 - Breedtegraad en lengtegraad worden elk gemeten als een hoekafstand van:
33 - De spanning van een accu wordt uitgedrukt in:
34 - De spanning van één enkele cel van een LiPo-accu van het type 6S2P bedraagt:
35 - Het elektrische vermogen dat een apparaat opneemt, is gelijk aan:
36 - Wanneer accu's in serie worden geschakeld:
37 - Welke verschijnselen beïnvloeden de werking van het GNSS? 1) De samenstelling van de atmosfeer 2) De meteorologische verschijnselen 3) De relatieve posities van de zichtbare satellieten 4) De omringende obstakels 5) De afschermingseffecten
38 - De capaciteit van een accu geeft aan:
39 - Het optimale gebruik van de GPS wordt nadelig beïnvloed door: 1 - het terrein (reliëf) 2 - het wolkendek 3 - het uitvallen van de klok van een of meer satellieten 4 - de snelheidsveranderingen van het luchtvaartuig 5 - een geringe vlieghoogte 6 - het ontbreken van een aparte of externe antenne
40 - Het minimale aantal beschikbare GPS-satellieten dat nodig is om de volledige positie van een luchtvaartuig (breedte, lengte en hoogte) te berekenen, bedraagt: