Ga naar de inhoud

Examensimulatie Technische en operationele beperking van het luchtrisico - Drone examen STS - specifieke categorie UAS (STS-01, STS-02) - oefenvragen en examentraining

Examensimulatie Drone examen STS Technische en operationele beperking van het luchtrisico 60 vragen in 90 minuten

1 - Waarin verschilt een luchtwaarnemer (Airspace Observer) van een UA-waarnemer (UA Observer), zoals gedefinieerd in de AMC bij Verordening (EU) 2019/947?
2 - Om het luchtrisico in BVLOS te verminderen, bestaat de meest geschikte maatregel erin:
3 - Hoe heet het doel om de risico's van door het UAS veroorzaakte ongevallen te verminderen?
4 - In de STS-02 zijn luchtwaarnemers ingezet. Een waarnemer is 0,8 km van de piloot op afstand verwijderd gepositioneerd, en het UAS beweegt zich 1,4 km voorbij deze waarnemer, in het verlengde van het vluchttraject. Blijft de positie van het UAS binnen de afstandsgrenzen van de STS-02?
5 - Volgens Uitvoeringsverordening (EU) 2021/664 stelt de netwerkidentificatiedienst (Network Identification) bepaalde gegevens beschikbaar aan bevoegde gebruikers tijdens de gehele vluchtduur. Welk van de volgende elementen behoort NIET tot deze gegevens?
6 - Om het luchtrisico in een nauw dal te verminderen, bestaat de meest geschikte maatregel erin:
7 - Bij een herbeoordeling van het luchtrisico in de buurt van een CTR, welke beslissing is het veiligst?
8 - Waarvan hangt in de op BVLOS-operaties toegepaste SORA-methode de aanvankelijke luchtrisicoklasse (ARC – Air Risk Class) hoofdzakelijk af?
9 - Welke uitspraken zijn juist met betrekking tot de weergave van luchtruimen en gebieden op de ICAO-kaart 1:500.000? 1) De gebieden P, R en EHD zijn afgebakend door een omranding en aangeduid met hun letter gevolgd door een nummer 2) De verticale grenzen van een gebied worden aangegeven met een ondergrens en een bovengrens 3) Een CTR wordt weergegeven met een bijzondere lijn rond het gecontroleerde vliegveld 4) Op de kaart is nooit een verticale grens aangegeven
10 - Vóór een vlucht in de specifieke categorie (STS): in welke fase van de uitvoering van de operatie vinden de raadpleging van de UAS-geozones en de bijwerking van de geo-bewustzijnsfunctie plaats?
11 - Waartoe dient in een U-space-luchtruim de door de U-space-dienstverlener aangeboden geo-bewustzijnsdienst (Geo-Awareness)?
12 - Om het luchtrisico in de buurt van een helikopter-transitas te verminderen, bestaat de meest geschikte maatregel erin:
13 - Een verticale gebiedsgrens is aangegeven met „1500 ft AGL”. Wat betekent de afkorting AGL?
14 - Met welke letters komen in het internationale spelalfabet (ICAO) van de radiotelefonie de woorden „Juliett”, „Kilo” en „Lima” overeen?
15 - Om het luchtrisico in een militair laagvlieggebied te verminderen, bestaat de meest geschikte maatregel erin:
16 - Om het luchtrisico onder een naderingsgebied (TMA) te verminderen, bestaat de meest geschikte maatregel erin:
17 - Bij een herbeoordeling van het luchtrisico in een nauw dal, welke beslissing is het veiligst?
18 - In hoeverre toont het principe „zien en ontwijken” zijn grenzen tegenover een snel bemand luchtvaartuig (bijvoorbeeld een helikopter of een lichtvliegtuig) in vlucht op geringe hoogte?
19 - Welke van deze factoren verminderen de waarnemingsafstand waarop de piloot op afstand zijn onbemande luchtvaartuig in VLOS nog kan zien? 1) De geringe grootte en slechte zichtbaarheid van het luchtvaartuig 2) Slecht meteorologisch zicht of tegenlicht 3) Een gelijkmatige en heldere hemelachtergrond 4) De aanwezigheid van een contrastrijke markering op het luchtvaartuig
20 - Welke hoofdtaak heeft bij een vluchtuitvoering in de specifieke categorie een luchtwaarnemer (Airspace Observer)?
21 - Een luchtvaartuig ziet een ander luchtvaartuig van hetzelfde type rechts van zich op convergerende koers. Hoe gedraagt het zich?
22 - Welke maximale horizontale afstand tussen het UAS en de piloot op afstand is toegestaan in standaardscenario STS-02 (BVLOS in een gebied met lage bevolkingsdichtheid), als geen luchtwaarnemer wordt ingezet?
23 - Het aanhouden van een geringe horizontale afstand tussen de piloot op afstand en zijn onbemande luchtvaartuig verbetert onmiddellijk:
24 - Welke maximale vlieghoogte van het UAS boven de grond geldt in de STS-02 en draagt ertoe bij de blootstelling aan het luchtrisico te beperken door onder het overwegende bemande verkeer te blijven?
25 - Als in VLOS-vlucht een bemand luchtvaartuig in de buurt wordt gedetecteerd en er een botsingsrisico bestaat, wordt van de piloot op afstand de volgende handeling verwacht:
26 - Een gevarengebied wordt bijvoorbeeld gepubliceerd in de vorm „EHD54 SFC-2500 ft AMSL”. Welke uitspraken zijn juist? 1) De code EHD duidt op een gevarengebied 2) SFC geeft aan dat het gebied vanaf het oppervlak begint 3) 2500 ft AMSL is de bovengrens, gemeten ten opzichte van het gemiddelde zeeniveau 4) Een gevarengebied verbiedt permanent elk overvliegen
27 - Welke actor is in de Europese U-space-architectuur belast met het bieden van een gemeenschappelijk en geharmoniseerd beeld van luchtvaartgegevens en het luchtbeeld (met name de positie van bemande luchtvaartuigen) aan de verschillende USSP's binnen een U-space-gebied?
28 - Om het luchtrisico in een U-space-luchtruim of een geografisch UAS-gebied te verminderen, bestaat de meest geschikte maatregel erin:
29 - Welke maximale horizontale afstand tussen het UAS en een luchtwaarnemer is toegestaan in de STS-02, zodat deze zijn taak van luchtverkeersdetectie doeltreffend kan vervullen?
30 - Wat zijn de belangrijkste maatregelen ter bescherming van personen en zaken? 1) De scheiding van het verkeer van de bemande luchtvaart 2) De coëxistentie met de bemande luchtvaart 3) Het niet overvliegen van niet-betrokken personen op de grond 4) Voorzieningen zoals parachutes
31 - Welke conventie voor positieaanduiding wordt bij een vluchtuitvoering met waarnemers gewoonlijk gebruikt om de relatieve positie van een gedetecteerd luchtvaartuig snel door te geven?
32 - In VLOS is het gebruik van een verrekijker of een op afstand beeldgevend systeem (type FPV) voor het volgen van het onbemande luchtvaartuig:
33 - Op een Nederlandse ICAO-kaart 1:500.000 wordt een gebied met vluchtbeperkingen aangeduid met een lettercode. Welke?
34 - Welke uitspraken over de risicoanalyse zijn juist? 1) Beschermingsmaatregelen beperken de ernst van het voorval 2) Beschermingsmaatregelen beperken de kans op voorkomen 3) Preventieve maatregelen beperken de ernst van het voorval 4) Preventieve maatregelen beperken de kans op voorkomen 5) Maatregelen ter beperking van het risico zijn beschermingsmaatregelen 6) Maatregelen ter beperking van het risico zijn preventieve maatregelen
35 - Wat betekent de afkorting CTR, die een luchtruim rond een gecontroleerd vliegveld aanduidt?
36 - Welke van de volgende diensten behoort volgens Uitvoeringsverordening (EU) 2021/664 NIET tot de vier verplichte U-space-diensten die elke dienstverlener (USSP) in een U-space-luchtruim moet aanbieden?
37 - Om het luchtrisico in de buurt van een vliegveld met gepubliceerde frequentie te verminderen, bestaat de meest geschikte maatregel erin:
38 - Om de gehele horizon (360°) te dekken met luchtwaarnemers, waarbij elk een bewakingssector van 90° krijgt toegewezen, hoeveel waarnemers zijn minimaal vereist?
39 - Om het luchtrisico tijdens een verticale stijgvlucht te verminderen, bestaat de meest geschikte maatregel erin:
40 - Welke van de volgende uitspraken over de inzet van luchtwaarnemers ter beperking van het botsingsrisico zijn juist? 1) De inzet van waarnemers vormt een erkende maatregel ter beperking van het luchtrisico 2) Correct verdeelde waarnemers maken het mogelijk de visuele dekking uit te breiden voorbij wat de piloot op afstand alleen ziet 3) De aanwezigheid van waarnemers elimineert het botsingsrisico volledig 4) De doeltreffendheid van de waarnemers hangt af van de kwaliteit en snelheid van de communicatie met de piloot op afstand
41 - Welke van de volgende afkortingen staat voor een systeem dat door de piloot op afstand vóór de vlucht moet worden geprogrammeerd?
42 - De aan boord aanwezige functie „geo-bewustzijn” (Geo-Awareness), verplicht voor talrijke UAS's van klasse C in de open categorie, heeft als taak:
43 - Welke uitspraken over de vereiste voorzieningen voor horizontale begrenzing zijn juist? 1) Ze informeren de piloot op afstand over de horizontale positie van het luchtvaartuig 2) Ze verhinderen dat het luchtvaartuig de geprogrammeerde grenzen overschrijdt 3) Ze zijn verplicht in scenario STS-01 4) Ze zijn verplicht in scenario STS-02
44 - Als een UAS-geozone het overvliegen verbiedt, maar een exploitant daar toch actief moet zijn (zowel in de open als in de specifieke categorie), welke procedure is normaal gesproken vereist tegenover de autoriteiten?
45 - Welke verplichting geldt voor de luchtruimgebruiker in een RMZ (Radio Mandatory Zone)?
46 - Uw luchtvaartuig vliegt op u af, en een ander luchtvaartuig komt het tegemoet. U moet uitwijken door de volgende besturing te bedienen:
47 - Welke kwalificatie-eis wordt in de STS-02 aan de piloot op afstand gesteld en draagt bij tot de beheersing van het luchtrisico bij BVLOS-operaties?
48 - Welke uitrusting vult het principe „zien en ontwijken” zinvol aan door de herkenbaarheid van het onbemande luchtvaartuig door de andere luchtruimgebruikers te verbeteren, met name 's nachts?
49 - Welke van deze luchtruimklassen komt overeen met een NIET-gecontroleerd luchtruim, waarin de VFR-vlucht zonder vrijgave is toegestaan?
50 - Een luchtwaarnemer detecteert een convergerend bemand luchtvaartuig en schat in dat een botsing mogelijk is. Welke handeling wordt van hem verwacht?
51 - Wat betekent bij een radiocommunicatie het begrip van de standaardspreekgroep „WILCO” precies?
52 - Hoe wordt in de specifieke categorie de aan het operationele volume toegevoegde „luchtrisico-bufferzone” (Air Risk Buffer) gedefinieerd?
53 - Welke uitspraken over de horizontale begrenzingsvoorziening zijn juist? 1) De horizontale positie wordt te allen tijde gemeten 2) De virtuele barrières zijn geprogrammeerd 3) Wanneer de horizontale grens is bereikt, houdt de autopiloot deze positie aan 4) Wanneer de horizontale grens is bereikt, wordt een alarm geactiveerd
54 - Op welk mechanisme berust de dienst van vluchttoestemming voor UAS (UAS Flight Authorisation) in het U-space-luchtruim hoofdzakelijk?
55 - In de specifieke categorie (STS) verplicht de vlucht op rechtstreeks zicht (VLOS) de piloot op afstand om het onbemande luchtvaartuig aan te houden:
56 - De vlucht op „uitgebreid rechtstreeks zicht” door een luchtwaarnemer (EVLOS) verschilt van de klassieke VLOS doordat:
57 - Hoe heet het systeem voor vluchtbeëindiging waarmee het UAS is uitgerust?
58 - Bij een herbeoordeling van het luchtrisico in de buurt van een vliegveld met gepubliceerde frequentie, welke beslissing is het veiligst?
59 - Hoe wordt in de SORA-methodiek (luchtrisico-deel) het resterende risico van een botsing in de lucht genoemd, waaraan het bemande luchtvaartuig binnen het operationele volume is blootgesteld?
60 - Welke uitspraken zijn juist met betrekking tot de hoogtebegrenzingsvoorzieningen die voor niet-vastgemaakte (niet-gefixeerde) drones verplicht zijn? 1) Ze informeren de piloot op afstand over de hoogte van het luchtvaartuig 2) Ze verhinderen dat het luchtvaartuig de geprogrammeerde maximale hoogte overschrijdt 3) Ze zijn in alle operationele scenario's verplicht